Sinds 1 januari 2015 is er veel veranderd in de zorg. Gemeenten en zorgverzekeraars hebben meer taken gekregen in de langdurige zorg en ondersteuning. De AWBZ is afgeschaft en overgegaan naar de Wmo 2015 (gemeente), de Zorgverzekeringswet, de Jeugdwet (gemeente) en de Wet langdurige zorg. Voor iedereen is er maatwerk. Dat betekent dat de zorg en ondersteuning goed aansluiten op wat mensen nodig hebben.

U kunt een korte video bekijken (opent in YouTube) waarin de veranderingen worden uitgelegd. Meer informatie over de veranderingen in de zorg vindt u op www.hoeverandertmijnzorg.nl

De organisatie van de langdurige zorg is vastgelegd in wetten. Gemeenten bieden ondersteuning bij zelfstandig wonen en het 'meedoen in de maatschappij'. Tevens bieden ze beschermd wonen voor mensen met een psychische aandoening. Dit is vastgelegd in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015).

Verpleging en verzorging thuis is opgenomen in de Zorgverzekeringswet (Zvw). Deze zorg heet wijkverpleging. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor bijna alle zorg en ondersteuning voor kinderen en jongeren. Dit is vastgelegd in de Jeugdwet. De zware, intensieve zorg voor kwetsbare ouderen en mensen met een beperking is geregeld in de Wet langdurige zorg (Wlz).

De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt zorg en verblijf voor kwetsbare ouderen en mensen met een beperking. Het gaat om mensen die 24 uur per dag zorg in de nabijheid en/of permanent toezicht nodig hebben. De Wet langdurige zorg is op 1 januari 2015 ingegaan en vervangt de AWBZ. Het CIZ beoordeelt of mensen recht hebben op Wlz-zorg. Dit gebeurt op basis van objectieve criteria, zodat de beoordeling overal in het land hetzelfde is. Meer informatie kunt u vinden op www.ciz.nl

De nieuwe Wet langdurige zorg van de Rijksoverheid bevordert dat mensen die zorg nodig hebben, langer thuis blijven wonen. Veel mensen willen dit ook graag, omdat ze aan hun eigen plek gehecht zijn. Voor mensen die echt niet meer thuis kunnen blijven, omdat ze bijvoorbeeld 24 uur per dag hulpbehoevend zijn, blijft er opvang in een verzorgings- of verpleeghuis.

Ja. Voor mensen die de hele dag intensieve zorg of toezicht nodig hebben, is er een plek in een woonzorgcentrum of andere zorginstelling. Het gaat om mensen die 24 uur per dag zorg in de nabijheid en/of permanent toezicht nodig hebben. Dit staat in de nieuwe Wet langdurige zorg (Wlz). Soms kunnen mensen met deze beperkingen toch nog thuis wonen. Bijvoorbeeld omdat ze een partner of andere mantelzorger hebben die toezicht houdt. Daarom staan in het wetsvoorstel van de Wlz ook verschillende mogelijkheden om thuis te blijven wonen. Dat kan met een:

  • volledig pakket thuis (vpt). Met een vpt krijgt u thuis zorg van een zorginstelling;
  • persoonsgebonden budget (pgb). Met een pgb regelt u alle zorg zelf;
  • modulair pakket thuis (mpt). Een mpt krijgt u als u niet het volledige zorgaanbod van een instelling nodig heeft of de zorg niet geheel zelf via een pgb wilt organiseren. Met het mpt kunt u zorg door een instelling combineren met een pgb.

Het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ) bepaalt of iemand zorg met verblijf nodig heeft.

Per 1 januari 2015 is verpleging en verzorging thuis onderdeel van het basispakket van uw zorgverzekering. Er geldt geen eigen risico voor. De wijkverpleegkundige bekijkt samen met u en eventueel uw arts welke zorg u precies nodig heeft. U kunt de wijkverpleegkundige zorg krijgen van verpleegkundigen of van verzorgenden. Wilt u wijkverpleging aanvragen? Voor verpleging en verzorging heeft u geen verwijzing van de huisarts nodig. Vaak heeft u al wel (intensief) contact met de huisarts. Wilt u wijkverpleging ontvangen? Dan kunt u zelf contact opnemen met een zorgaanbieder. Wijkverpleegkundigen zijn vaak in dienst bij een thuiszorgorganisatie.

Intensieve kindzorg is zorg voor kinderen met ernstige medische problemen en/of beperkingen. Het is een combinatie van bijvoorbeeld verpleging, persoonlijke verzorging en begeleiding.
De zorg kan thuis, in een kinderhospice of in een kinderdagverblijf gegeven worden. IKZ kan inclusief thuisbeademing zijn. De intensieve kindzorg wordt vergoed door de zorgverzekeraar.
Uitzondering: De zorg voor kinderen (0-19 jaar) met een verstandelijke beperking die in 2014 een indicatie hadden voor intensieve kindzorg, is ondergebracht in het Wlz-overgangsrecht.

Middenin de nacht, in de vroege ochtend of op een feestdag. Sensoor is 24 uur per dag, 7 dagen per week, het hele jaar door bereikbaar voor mensen die behoefte hebben aan een luisterend oor, een vertrouwelijk gesprek of informatie. De gesprekken zijn altijd vertrouwelijk. U kunt Sensoor bereiken via telefoonnummer: 0900 0767 (5 cent per minuut). Meer informatie vindt u op www.sensoor.nl

Cliëntondersteuning kan in alle levensfasen en op alle levensterreinen van belang zijn. Vanaf 2015 hebben alle cliënten, van jong tot oud, wettelijk recht op gratis en onafhankelijke ondersteuning.
Gemeenten zijn sinds 1 januari 2015 verantwoordelijk voor meer zorg- en ondersteuningstaken. Daar hoort cliëntondersteuning ook bij. De ondersteuning bestaat uit informatie, advies en kortdurende ondersteuning op alle levensgebieden.

Heeft u ondersteuning nodig op het gebied van zorg, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen? Dan kunt u hulp krijgen van een onafhankelijke cliëntondersteuner die uw belangen behartigt. Ook hier zorgt uw gemeente voor. Bijvoorbeeld bij een gesprek met de gemeente, een (voor)onderzoek, bij een aanvraag voor een voorziening of bij zorgbemiddeling. U hoeft zelf niet te betalen voor de hulp van een cliëntondersteuner. De gemeente betaalt de cliëntondersteuning, maar deze persoon is wel onafhankelijk van de gemeente. Heeft u niemand die u kan helpen maar wilt u wel hulp? Neem dan contact met de gemeente op via telefoonnummer: (035) 6093 411.

Per 2014 zijn de algemene tegemoetkoming Wtcg (Wet tegemoetkoming chronisch zieken en gehandicapten) en de Compensatie eigen risico (Cer) door het Rijk afgeschaft. In plaats daarvan biedt de gemeente ondersteuning via de bijzondere bijstand. Kijk voor meer informatie op www.wibbs.nl of bel naar telefoonnummer: (035) 6093 411.

De fiscale aftrek voor uitgaven aan specifieke zorgkosten blijft bestaan, maar in aangepaste vorm. Net als de bijbehorende tegemoetkoming voor specifieke zorgkosten. Deze regeling wordt uitgevoerd door de Belastingdienst. Voor meer informatie hierover kunt u kijken op www.belastingdienst.nl onder ‘aftrek ziektekosten’. De tegemoetkomingen voor arbeidsongeschikten blijven bestaan. De tegemoetkomingen die nu zijn vastgelegd in de Wet Wtcg worden overgebracht naar de WAO, WIA en Wajong.

Ja. Als de gemeente uw gegevens wil delen, heeft ze uw toestemming nodig. Dat is volgens de wet bepaald. De gemeente moet zorgvuldig omgaan met uw gegevens. Zij is verantwoordelijk voor uw privacy. Het delen hiervan mag alleen als dit noodzakelijk is voor de uitvoering van de wet. Bijvoorbeeld het document waarin staat welke zorg u krijgt uit de Wmo 2015. Dit mag de gemeente delen met uw zorgverlener.


Nee. Zonder uw toestemming mag de gemeente uw gegevens niet delen met anderen. Als er een reden is om onderdelen van uw dossier te delen met andere partijen doen wij dit altijd in overleg met u. Er zijn twee uitzonderingen op deze regel:

  • als de veiligheid van kinderen in het geding is;
  • als mensen een bedreiging voor zichzelf of anderen vormen.

Nee. Alleen met uw toestemming zal de gemeente uw informatie met anderen delen.

Om te kunnen beoordelen welke ondersteuning u nodig hebt, heeft de gemeente gegevens van u nodig. Maar u hoeft niet zo maar alle informatie te geven. De gemeente mag alleen gegevens vragen die nodig zijn om uw behoefte aan ondersteuning te beoordelen. De gemeente krijgt geen inzage in uw medische dossiers, als u daarvoor geen toestemming geeft.

Ja. De gemeente kan een eigen bijdrage vragen (waarbij u zelf een deel van de kosten moet betalen). De eigen bijdrage geldt voor maatwerkvoorzieningen. Dit zijn maatregelen die gemaakt zijn voor uw situatie of probleem. De hoogte van de eigen bijdrage hangt af van het loon en het kapitaal van u of uw partner. Hoe de eigen bijdrage wordt bepaald, staat in de gemeentelijke verordening. Dit zijn de wetten en regels van uw gemeente. Het CAK int de eigen bijdrage. Met het rekenprogramma op de website van het CAK hoogte van uw eigen bijdrage berekenen.

Het Centraal Administratie Kantoor (CAK) voert de eigen bijdrage voor maatwerkvoorzieningen (maatregelen die gemaakt zijn voor uw situatie of probleem) centraal uit. Dit betekent dat het CAK de eigen bijdrage vaststelt en int. Hiervoor krijgt het CAK informatie over uw inkomen van de Belastingdienst. Van de gemeenten krijgt het CAK informatie over de prijs van de maatregel en hoe lang de cliënt een eigen bijdrage betaalt. Met het rekenprogramma op de website van het CAK hoogte van uw eigen bijdrage berekenen.

Vanaf 2015 vervalt de Wtcg-korting van 33% op de eigen bijdrage voor zorg thuis. Deze korting werd tot 2015 automatisch van uw eigen bijdrage afgetrokken. Uw maximale periodebijdrage wordt vanaf periode 1 van 2015 dus hoger.

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) zorgt ervoor dat iedereen kan meedoen aan de maatschappij en zo veel mogelijk zelfstandig kan blijven wonen. Als u een hulpvraag heeft, bekijkt de gemeente samen met u wat u nodig heeft. Uw gemeente kan u een algemene voorziening of een maatwerkvoorziening aanbieden. Ook kan uw gemeente een persoonsgebonden budget (pgb) geven. Een algemene voorziening kan gebruikt worden door inwoners die dat nodig hebben, zonder indicatie. Voorbeelden zijn een koffieochtend in een activiteitencentrum, de maaltijdvoorziening of de seniorenbus. Een maatwerkvoorziening is afgestemd op één persoon. Nieuw in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) zijn individuele begeleiding bij het zelfstandig wonen, dagbesteding, kort verblijf en beschermd wonen. Daarnaast blijven taken als huishoudelijke hulp, verslavingszorg, bestrijding van huiselijk geweld en ondersteuning van mantelzorgers in de Wmo. Net als de individuele voorzieningen voor hulpmiddelen, vervoersvoorzieningen en woningaanpassingen.

U kunt een melding doen via deze website of voor meer informatie contact met ons opnemen via telefoonnummer: (035) 6093 411.

Ja. U mag altijd iemand vragen bij het gesprek aanwezig te zijn. Dat kan bijvoorbeeld een kennis of een familielid zijn. Dat is aan u. U kunt ook een onafhankelijke cliëntondersteuner vragen om u bij te staan bij het gesprek. De gemeente kan u in contact brengen met cliëntondersteuning, die gratis en onafhankelijk is.

In de Wet maatschappelijke ondersteuning staat dat u de mogelijkheid krijgt om een persoonlijk plan op te stellen. In dat plan kan u of uw mantelzorger aangeven wat uw omstandigheden zijn en welke maatschappelijke ondersteuning u daarbij nodig heeft. Wat kunt u bijvoorbeeld zelf doen? Wat kunt u met behulp van mensen uit uw omgeving doen? En welke professionele hulp en ondersteuning denkt u daarbij nodig te hebben? En met welke concrete doelen? Het persoonlijk plan is niet verplicht. U mag zelf bepalen óf u een persoonlijk plan wilt opstellen, en als u hiervoor kiest, ook hoe dit plan er uit ziet. De gemeente betrekt het persoonlijk plan bij het onderzoek. 

Regiotaxi Eemland-Heuvelrug is openbaar vervoer van deur tot deur. Voor alle inwoners van de gemeenten Amersfoort, Baarn, Bunschoten-Spakenburg, Eemnes, Leusden, Nijkerk, Soest, Utrechtse Heuvelrug, Wijk bij Duurstede en Woudenberg. De vervoerder rijdt met taxi's en taxibusjes. U moet uw reis van tevoren bestellen. De Regiotaxi rijdt dagelijks van 6.00 tot 24.00 uur. Kijk voor meer informatie op de website van de Regiotaxi.

Het Rijk heeft vanaf 1 januari 2015 veel taken overgedragen aan de gemeente. De gemeente was al sinds 2007 verantwoordelijk voor de huishoudelijke hulp. En is per 2015 ook verantwoordelijk voor een deel van de taken die met de zorg te maken hebben. Dit is geregeld in de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo 2015). Het Rijk draagt de taken aan de gemeente over met minder budget dan tot nu toe beschikbaar was. Voor hulp bij het huishouden krijgt de gemeente 40% minder budget. De gemeente moet daarom de kosten zoveel mogelijk beperken. Dit doet ze door hulp en ondersteuning zoveel mogelijk in samenhang te organiseren.

Heeft u een indicatie voor hulp bij het huishouden die doorloopt in 2015? Dan loopt uw hulp bij het huishouden door tot het einde van uw indicatie, maar uiterlijk tot eind 2015. Die afspraak heeft de gemeente Soest gemaakt met de huidige zorgaanbieders. Als uw indicatie afloopt of als uw omstandigheden veranderen, dan gaan wij met u in gesprek over uw nieuwe situatie en de beste oplossingen in uw geval. Vanaf 2016 is de vorm waarin huishoudelijke hulp kan worden gegeven nog niet vastgesteld. De komende tijd gaan wij verder met de aanbieders van huishoudelijke hulp in gesprek over de mogelijkheden. Als u huishoudelijke hulp ontvangt, houden wij u per brief van de ontwikkelingen op de hoogte.

Deze vraag komt tijdens het gesprek aan de orde, waarbij het over uw persoonlijke situatie gaat. Daarbij gaat het dan niet alleen over wat u niet meer kunt, maar vooral over wat u nog wel kunt en hoe anderen u kunnen helpen. Bijvoorbeeld familie, vrienden, vrijwilligers of mensen bij u in de buurt. Ook kijken we of ondersteuning zoals een boodschappendienst of een was- en strijkservice voor u een oplossing kan bieden. We praten dan ook met u over zaken als welzijn en vrijetijdsbesteding.

Als u ondersteuning nodig heeft en het lukt niet om dit in uw eigen omgeving te vinden, dan kunt u bij de gemeente om ondersteuning vragen. De gemeente gaat dan met u in gesprek en onderzoekt samen met u de mogelijkheden voor ondersteuning, bijvoorbeeld door vrienden of buren. Ook kijken we wat er beschikbaar is aan algemene voorzieningen, zoals een maaltijdvoorziening of een klussendienst. Het aantal algemene voorzieningen wordt naar verwachting in de toekomst uitgebreid. Als u veel ondersteuning nodig heeft, maakt de gemeente samen met u een plan en kijkt welke organisaties en mensen daarbij kunnen helpen.

De gemeente Soest is zich ervan bewust dat bij de Sociale Verzekeringsbank nog niet alles rondom het PGB optimaal is geregeld. Hiervan ondervindt u misschien ongemak. De plaats waar u terecht kunt met uw vraag, hangt af van de soort vraag.

Met vragen over uw zorgovereenkomst, het uitbetalen van uw zorgkosten, de hoogte van uw budget, het trekkingsrecht en de status van de beoordeling van uw zorgovereenkomst neemt u contact op met het servicecentrum PGB van de Sociale verzekeringsbank via telefoonnummer: (030) 2648 200 of kijk op: www.svb.nl.
Met inhoudelijke vragen over uw zorgovereenkomst (bijvoorbeeld over wat er wel of niet betaald mag worden uit uw PGB) neemt u contact op met de gemeente via telefoonnummer: (035) 6093 411.

Als u een vorm van zorg of ondersteuning ontvangt, betaalt u daarvoor een eigen bijdrage. Ook als u die zorg ontvangt in de vorm van een persoonsgebonden budget (PGB). U ontvangt een rekening voor de eigen bijdrage van het Centraal Administratie Kantoor (CAK). Het CAK berekent de hoogte van de eigen bijdrage op basis van de hoeveelheid toegekende zorg en ondersteuning die in uw indicatie staat. Het kan zijn dat u het toegekende budget van uw PGB niet volledig gebruikt. Omdat er een wachtlijst is voor de zorg of omdat u om een andere reden niet meteen gebruik maakt van de zorg. U krijgt dan toch een rekening voor de eigen bijdrage van het CAK, gebaseerd op het volledige toegekende PGB. Het bedrag dat u dan teveel betaalt, stort het CAK jaarlijks achteraf terug op uw rekening.
Het kan zijn dat u door deze rekeningen in de financiële problemen komt. U kunt dan tussentijds de hoogte van uw PGB aanpassen en een bijstelling aanvragen. U kunt hiervoor contact opnemen met uw contactpersoon van de gemeente Soest of via het loket Zorg, werk en inkomen via telefoonnummer: (035) 6093 411.

Ja. U kunt er voor kiezen om voortaan niet een PGB te ontvangen, maar uw ondersteuning te ontvangen van een zorgverlener die de gemeente heeft gecontracteerd. De gemeente heeft een overzicht van de beschikbare zorgaanbieders. Voor meer informatie hierover kunt u contact opnemen met de gemeente via telefoonnummer: (035) 6093 411.

U kunt een melding doen via deze website of voor meer informatie contact met ons opnemen via telefoonnummer: (035) 6093 411.

Heeft u een indicatie voor AWBZ-zorg? En loopt deze door in 2015? Dan houdt u recht op die zorg. Daarbij gelden dezelfde voorwaarden als onder de AWBZ. U houdt dit recht voor de looptijd van de indicatie, maar uiterlijk tot 31 december 2015. Heeft u een indicatie voor beschermd wonen (een GGZ-C-pakket)? Dan houdt u recht op die zorg. Dit geldt voor de looptijd van de indicatie, maar met een maximum van 5 jaar.

De overgangsregeling geldt voor cliënten met een indicatiebesluit van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor begeleiding, dagbesteding, kortdurend verblijf of beschermd wonen. Het indicatiebesluit moet dan wel op 1 januari 2015 nog geldig zijn.

Loopt uw indicatie af in 2015 of na 2015? Een aantal weken voordat uw indicatie verloopt, nemen wij contact met u op voor een gesprek. Tijdens dit gesprek kijken wij met u naar de indicatie die u nu heeft en welke ondersteuning u vanaf dat moment nodig heeft. De uitkomst van dit gesprek wordt vastgelegd in een gespreksverslag. Als u twee weken voor het einde van de indicatie nog niets heeft gehoord, neem dan contact met ons op via telefoonnummer: (035) 6093 411. Loopt uw indicatie af na 2015? Dan nemen wij in de 2e helft van 2015 contact met u op voor een gesprek.

Dat is niet zeker. Tijdens het overgangsrecht behoudt u uw bestaande recht op zorg. Het wettelijke overgangsrecht geeft niet aan dat u recht heeft op ondersteuning geleverd door dezelfde zorgverlener. Bij afloop van het overgangsrecht wordt in een gesprek met u onderzocht of en welke ondersteuning verder nodig is. Samen zoeken we naar een passende oplossing. Of dat voortzetting van de ondersteuning van de huidige zorgverlener betekent, kunnen we nu niet beantwoorden. Dit is namelijk afhankelijk van de uitkomsten van het gesprek en uw eigen keuze.

Dat kunnen we niet garanderen. Het wettelijke overgangsrecht geeft niet aan dat u recht heeft op ondersteuning geleverd door dezelfde zorgverlener. Wij begrijpen natuurlijk dat de meeste klanten hun huidige zorgaanbieder willen houden. Bij afloop van het overgangsrecht wordt in een gesprek met u onderzocht of en welke ondersteuning verder nodig is. Samen zoeken we naar een passende oplossing. Of dat voortzetting van de ondersteuning van de huidige zorgverlener betekent, kunnen we nu niet beantwoorden. Dit is namelijk afhankelijk van de uitkomsten van het gesprek en uw eigen keuze.

Ook in de Wmo 2015 blijft het PGB bestaan. Het jaar 2015 is een overgangsjaar. U houdt uw PGB en kunt daarmee dezelfde ondersteuning inkopen als nu het geval is, alleen valt de ondersteuning dan niet meer onder de AWBZ maar onder de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) die door de gemeente wordt uitgevoerd. Wel wordt dan het trekkingsrecht ingevoerd. Dit betekent dat uw PGB niet meer op uw eigen rekening (of die van uw vertegenwoordiger) wordt gestort maar op rekening van de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De SVB betaalt dan, op basis van uw declaraties, uw begeleider(s).

Voor beschermd wonen duurt dit overgangsrecht maximaal vijf jaar. Dus uiterlijk tot 1 januari 2020. Maar het overgangsrecht kan voor u al eerder stoppen. Namelijk als:

  • uw AWBZ-indicatie eerder stopt. De einddatum staat op uw indicatie;
  • een nieuw aanbod krijgt van uw gemeente en u daarmee akkoord gaat.

Let op: Bij beschermd wonen valt het pgb maximaal één jaar lang onder het overgangsrecht, dus alleen in 2015. Uw recht op het GGZ C-pakket kan wel langer doorlopen (tot 2020). Het recht op de zorg uit het pakket staat dus los van de vorm waarin u de zorg krijgt.

De gemeente is verantwoordelijk voor vrijwel alle vormen van jeugdzorg. Van lichte vormen, zoals opvoedadviezen, tot aan geestelijke gezondheidszorg voor jongeren, gesloten jeugdzorg bij ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen en jeugdreclassering. De gemeente is ook verantwoordelijk voor de uitvoering van kinderbeschermingsmaatregelen en het tegengaan van huiselijk geweld. Deze verantwoordelijkheden zijn vastgelegd in de Jeugdwet. Voor eenvoudige vragen over opvoeden en opgroeien van kinderen, kunt u voor informatie en advies terecht bij het Centrum voor Jeugd en Gezin via: www.cjgsoest.nl.

Wat betekenen de veranderingen in de jeugdzorg voor de kwaliteit? Er is per 1 januari 2015 niets veranderd aan de jeugdzorg zelf, in die zin dat alle vormen van jeugdzorg en ook de crisisopvang gewoon nog bestaan. Maar de gemeenten gaan de jeugdhulpverlening anders organiseren. Beter afgestemd en dichterbij. De gedachte is dat de kwaliteit van de jeugdzorg hiermee verbetert.

In de Jeugdwet is vastgelegd dat u de mogelijkheid krijgt om een familiegroepsplan op te stellen. Een familiegroepsplan staat welke problemen de jeugdige of het gezin heeft, welke hulp nodig is, en wie die hulp geeft. Ouders, familieleden of andere directbetrokkenen kunnen een familiegroepsplan maken. Op deze manier kunnen zij meedenken en mee helpen aan een oplossing.

Een jeugdige kan om allerlei redenen hulp nodig hebben, bijvoorbeeld bij opgroei- en opvoedproblemen, zorg vanwege een beperking of psychische behandeling. De familie en het sociale netwerk krijgen in die situaties eerst de gelegenheid om samen een plan voor de hulpverlening te maken. Dit geldt ook als het kind of de jongere te maken heeft met jeugdbescherming. De ouders moeten dan wel het ouderlijk gezag hebben over hun kind.

Een familiegroepsplan geeft familie en het sociale netwerk meer verantwoordelijkheid en meer controle. Mensen in het sociale netwerk zijn overigens niet altijd familie, het is ook mogelijk bijvoorbeeld een leraar, bevriende buur of wijkteam te betrekken.

In het plan kan zowel hulp uit het eigen netwerk als professionele hulp beschreven worden.

De Participatiewet is in de plaats gekomen van de vroegere Wwb (Wet werk en bijstand), de Wsw (Wet Sociale werkvoorziening) en de Wajong (Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten). Hiermee is er één regeling voor iedereen die begeleiding nodig heeft bij het vinden en behouden van werk. Doel van de Participatiewet is dat zoveel mogelijk mensen, met en zonder beperking, deelnemen aan de samenleving en voor hun eigen inkomen zorgen.
De Participatiewet wordt voor de gemeente Soest uitgevoerd door Werk en Inkomen Baarn, Bunschoten en Soest (BBS). Wilt u meer weten over de Participatiewet en wat de komst van deze wet betekent voor uw situatie? Kijk dan op www.wibbs.nl